
Eigenlijk zou het recept Oma’s appelkruimeldieven moeten heten omdat het om een grote koek gaat die in stukken kan worden gesneden, kruimeldieven. Afijn, dief is ook prima.
Ik kom aan dit recept via mijn moeder. Van haar heb ik het bakken meegekregen. En nog altijd weet ze ons te laten smullen. Ook laatst weer toen ze deze koeken serveerde tijdens de koffie. Ze zei: Deze koeken zijn ideaal, ze snijd de koek in stukken en doet ze in de diepvries, dan heb je altijd wat in huis als je onverwachts visite krijgt. Ja het is waar, oma weet raad!
Ingrediënten
- 200 gram roomboter
- 250 gram lichtbruine basterdsuiker
- 125 gram havermout
- 150 gram bloem
- 1 tl bakpoeder
- snuf zout
- 6 appels
- 1 tl kaneel
- 1 citroen
- 50 gram amandelschaafsel (je kan ook hele amandelen gebruiken, en voordien even snijden met de keukenmachine)
Bereidingswijze
- Verwarm de oven voor op 180 graden.
- Leg op de bodem van een 24 x 24 cm springvorm een vel bakpapier. (Beneden dit recept bij ‘Handige tips voor tijdens het bakken’, zie je waar je deze springvorm eventueel kunt kopen).
- Smelt de boter in een pan, haal de pan van het vuur en roer de suiker en de havermout er door.
- Zeef de bloem met het bakpoeder en het zout en voeg dit ook toe en roer door.
- Bekleed de bodem van de springvorm met dit mengsel; druk het stevig aan zodat er een mooie bodem ontstaat.
- Rasp de appel met een grove rasp.
- Knijp het appelsap uit, zodat het meeste vocht eruit loopt.
- Meng de appelrasp met het kaneel en het citroensap en verdeel dit over de bodem van de koek.
- Meng het amandelschaafsel door de rest van het deeg en verdeel dit als grove kruimels over de koek.
- Zet de springvorm in de oven en bak de koek in 40 minuten mooi goudbruin.
- Laat het afkoelen voordat je de koek in stukken snijdt.

