
Het is stilletjes in de tuin. Het tafereel is treurig als ik het tuinhekje opendoe; nat en kaal. De planten hebben zich teruggetrokken in de aarde en zijn in winterslaap diep onder de grond.
Toch ben ik niet alleen in de tuin. Op een afstandje houd een roodborstje me in de gaten. Terwijl ik aan het werk ga blijft het roodborstje me vergezellen, niet van plan omweg te gaan. Ik vind z’n gezelschap fijn.
Als ik de kist open doe schik ik, het is in de kist een bende van jewelste! Mijn halfvergane tuinschoenen, die ik alleen gebruik in nood, liggen bedolven onder een hoop aarde. Wie heeft dit gedaan, denk ik, terwijl ik met het blik van de stoffer, de aarde uit de kist probeer te halen.
Ik ontdek een groot gat aan de voorkant van de kist. Overduidelijk het werk van een konijn, die ik eerder al op de vlucht had zien slaan. Niet wetende dat hij mijn tuin zou uitkiezen als rust oord.

T is ook mijn eigen schuld denk ik, ik wilde zo graag dieren in de tuin. Ik had die wens in de lucht gegooid, zonder specifiek te zijn. Dom, dom, dom. Meteen pas ik mijn wens aan, ik wens een vogelfamilie in het vogelhuis in de oude pruim.
In november was ik al begonnen met het wegknippen van de inmiddels ingedroogde hop. De hop was exponentieel groot afgelopen jaar. Het groeide meters en meters langs de krulwilgen. Prachtig! Ik knip de lange ingedroogde dikke draden weg en begin met ze te spelen. Ik merk dat het materiaal buigzaam is en zich makkelijk tot van alles laat vormen.
Ik maak er een krans van, en nog een en nog een. Ze worden steeds groter en mooier. Dat is handig denk ik, om te versieren voor kerst. En om misschien volgend jaar met wat mensen een workshop te organiseren; hop krans maken en versieren. Ik schrijf het idee meteen op.


Terwijl ik de oude tuinschoenen in de prullenbak gooi, valt mijn oog op een muisje dat verdronken in een emmer met plantengier ligt. Ik haal het muisje uit de emmer, en gooi het gier weg. En dat alles terwijl het roodborstje me van een afstandje gadeslaat. December is meedogenloos, geen maand om te tuinieren maar wel om plannen te maken voor komend seizoen. En daar ben ik volop mee bezig.
Op Mattemburgh heb ik het werk van tuinarchitect Joyce Oomen gezien. Aan de achterzijde van de kas had ze een zomer en nu een wintervariant gemaakt van een eetbare tuin. Ik vond het inspirerend. Hoe cool zou het zijn als ik in De Gertrudes tuin ook een eetbare tuin kan creëren, gebaseerd op de seizoenen en die er mooi uitziet. Seizoensgroenten die die door elkaar heen staan, ik vind het fantastisch en schrijf het idee meteen op.
In het stuk waar vorig jaar de asperges (2.5 x2 m2) stonden kan ik dit prima maken. Met in de zomer; snijbiet, lavas, goudsbloem, venkel en zomer viool. En in de winter: bloemkool, spruiten, prei, Chinese kool en winter viool. Ik schrijf de planten meteen op.

Terwijl ik de kist verder opruim, neem ik meteen mijn handgereedschap mee naar huis, om in de lijnolie te zetten.
Tips
Podcast ‘Bunny in the garden’
Wie van tuinieren houd en van Engeland, is bij Bunny in the garden op het juiste adres. Proef de Engelse sfeer, en hun kijk op tuinieren.
Tuingereedschap van De Wit
Deze set tuingereedschap van De Wit gebruik ik al jaren in De Gertrudes tuin.
Matthew Rice Country Kalender 2026
Deze kalender heb ik aangeschaft voor 2026. Matthew Rice vooral bekend om zijn waterverf illustraties op de mokken van Emma Bridgewater.
